1 dodelijk ongeval op 3 op autosnelwegen gebeurt in de buurt van op– en afritten.

standard

1 dodelijk ongeval op 3 op autosnelwegen gebeurt in de buurt van op– en afritten.

Bij de dodelijke ongevallen op een autosnelweg droeg meer dan een derde van de bestuurders en meer dan de helft van de passagiers die achteraan zaten hun gordel niet. Te hoge snelheid speelde een rol in 4 op de 10 dodelijke ongevallen. Op– en afritten zijn bovendien de meest risicovolle plaatsen: 1 dodelijk ongeval op 3 gebeurt daar of in de buurt ervan. Dit zijn de belangrijkste conclusies uit een nieuwe studie van Vias institute die alle dodelijke ongevallen in België onderzocht.

In België wordt meer dan een derde (38%) van alle afgelegde voertuigkilometers op de autosnelwegen gereden. Het ongevalsrisico is er kleiner dan op andere delen van het wegennet, maar de ernst van de ongevallen is er wel hoger. We stellen 31 doden per 1000 letselongevallen vast, dat is 4 keer meer dan in een bebouwde kom (8 doden per 1000 letselongevallen). In het kader van deze studie heeft Vias institute op basis van PV’s van de federale politie 158 dodelijke ongevallen in de periode 2014-2015 op de autosnelwegen onderzocht, waarbij 529 personen betrokken waren.

Infrastructuur : vooral de opritten en afritten zijn dodelijk

Een dodelijk ongeval op 10 (10%) gebeurde op de op– of afrit en 1 ongeval op 5 (20%) in de buurt ervan. In totaal gebeuren dus bijna 30% van de dodelijke ongevallen op of nabij een oprit of afrit. Het risico op een ongeval is er dus hoger. 5% van de ongevallen gebeurden ter hoogte van een verkeerswisselaar. Bij één dodelijk ongeval op 8 (13%), waren er werken aan de gang op het moment dat het ongeval zich voordeed. Dit cijfer stijgt de laatste jaren en ligt 3x hoger dan in 2009 (4%).

Ongevalsfactoren : nog steeds wordt de gordel te weinig gedragen

Ongeveer een derde van de bestuurders en passagiers die betrokken waren in een dodelijk ongeval droegen hun gordel niet: 35% van de bestuurders, 21% van de passagiers voorin en…52% van de passagiers achteraan. 60% van de dodelijke slachtoffers in een ongeval op een autosnelweg droegen hun gordel niet. Snelheid speelt een rol in tenminste 38% van de dodelijke ongevallen. Het is ook opvallend dat 1 op 5 (19%) stilstond op het moment van het ongeval. Alcohol speelde een rol in meer dan 1 ongeval op 10 (11%), maar in 40% van de gevallen werd geen enkele betrokken bestuurder op alcohol getest.

Weersomstandigheden: regen is gevaarlijk

Bij 1 ongeval op 8 (12%) regende het toen het ongeval gebeurde. Gemiddeld regent het 6% van de tijd in België. Het risico op een dodelijk ongeval op een autosnelweg is dus hoger in geval van regen .Ongeveer een derde van de ongevallen (28%) gebeurden in duisternis, waarbij de openbare verlichting werkte. In 1 ongeval op 6 (17%) deed het ongeval zich voor in duisternis, zonder openbare verlichting. Het percentage dodelijke ongevallen in totale duisternis is 2x hoger op autosnelwegen dan op andere wegtypes.

Kenmerken van de weggebruikers: 1 op 20 was een voetganger

1 weggebruiker op 20 (5%) die om het leven komt in een ongeval op een autosnelweg was een voetganger. Als er zich een ongeval voordeed met een kwetsbare weggebruiker is het risico dat die overleed heel groot: 83% van de betrokken voetgangers zijn overleden. In de wagens is de mortaliteitsgraad 49%. 

Profiel van ongevallen

Dit zijn de 5 meest voorkomende ongevalsprofielen:

  • de bestuurder verliest de controle over het voertuig. (29%). De helft van de betrokken bestuurders overleeft dit type ongeval niet. Vaak spelen snelheid en/of alcohol een rol in dit type ongeval.
  • een voertuig rijdt in op de staart van een file (16%). Vrachtwagens zijn vaker betrokken bij dit type ongevalsprofiel.
  • de bestuurder wijkt af van zijn rijstrook (12%) en botst met een obstakel of met een andere weggebruiker. Deze ongevallen komen vaker voor in het duister.
  • de bestuurder maakt een fout bij het inhalen (8%). Bij 4 op de 10 ongevallen gaat het over eenzijdige ongevallen.
  • een bestuurder rijdt in op een normaal rijdend voertuig (6%). Deze ongevallen gebeuren het vaakst tijdens het weekend en tijdens totale duisternis.

Autosnelwegen meest dodelijk in Vlaams-Brabant

Over de periode 2009-2015, vielen er gemiddeld 44 doden per 100 kilometer autosnelweg. De autosnelwegen in Vlaams-Brabant (53 doden per 100 km) en Henegouwen (52 doden per 100km) waren het meest dodelijk. De autosnelwegen in Limburg waren het veiligst (30 doden per 100 km).

Conclusie

Sensibiliseringsacties en controles zijn onontbeerlijk om tot een effectieve gedragswijziging te komen. Te vaak stellen we vast bij dodelijke ongevallen op autosnelwegen dat mensen hun gordel niet dragen en er sprake is van overdreven snelheid. Voor snelheid blijven trajectcontroles veel efficiënter dan vaste radars. Het is vooral belangrijk om controles uit te voeren in risicozones zoals bij wegenwerken en in zones dicht bij op– en afritten van autosnelwegen.

Op het gebied van infrastructuur, moet men verder inzetten op de gekende principes van vergevingsgezinde wegen. Dit wil zeggen dat de infrastructuur zo ingericht moet zijn dat de menselijke fouten niet tot een fatale afloop leiden, bijvoorbeeld voor een voertuig dat van de weg is afgeraakt. Het gebruik van dynamische verkeersborden moet verder veralgemeend worden. Deze borden leggen een snelheidslimiet op die aangepast is aan de actuele verkeerssituatie. Ze kunnen ook de bestuurders waarschuwen in het geval van file of een ander verkeersprobleem. Het is ook belangrijk dat de snelheidslimieten op elke plaats en elk tijdstip duidelijk zijn voor de weggebruiker, vooral in de zones waar er wegenwerken aan de gang zijn.

bron http://www.vias.be

Wie betaalt de schade te wijten aan een beschadigd wegdek?

Van 16 tot 22 september vindt de Europese week van de Mobiliteit plaats. Deze moedigt het gebruik van alternatieve vervoersmiddelen aan, precies omdat we nog altijd heel talrijk met de auto rijden bij gebrek aan een aangepaste infrastructuur. Elke dag nemen miljoenen mensen de wagen.

In dat kader vindt u hier enkele vaststellingen en mijn advies in verband met de problemen die kunnen ontstaan door een beschadigd wegdek.

 

Wegdek in slechte staat … wie betaalt de schade?

De Belgische overheid ontvangt ieder jaar duizenden klachten van weggebruikers die schade hebben geleden door de slechte staat van ons wegennet: verzakking, beschadigd wegdek, scheuren in het beton, verhoging van het asfalt … Wie betaalt de factuur en hoe geeft u een probleem aan dat gebeurde op de openbare weg?

Bewijs leveren

De overheden moeten toezien op de veiligheid en het onderhoud van het wegennet dat onder hun bevoegdheid valt.

De overheid die niet voldoet aan deze verplichtingen, begaat een fout waarvoor ze in geval van een ongeval aansprakelijk kan worden gesteld. Het is dus mogelijk om een rechtsvordering in te stellen tegen die overheid om een vergoeding te krijgen.

Indien u een rechtsvordering instelt, moet u het bewijs leveren:

  • van het bestaan van uw schade,
  • van de fout van de betrokken overheid (gewest, provincie, gemeente), dat wil zeggen het gebrek van het wegennet,
  • en van het oorzakelijk verband tussen de fout en de schade.

Hoe gaat u te werk?

  • Bel naar de politie om een proces-verbaal op te stellen.
  • Maak foto’s van de staat van het wegdek (met gemakkelijk identificeerbare herkenningspunten) en foto’s van de opgelopen schade.
  • Zorg voor zoveel mogelijk getuigenissen.
  • Doe een beroep op een expert en vraag een bestek.

In de praktijk worden slachtoffers zelden in het gelijk gesteld. Hoe komt dat?

  • Strenge weersomstandigheden kunnen in uw nadeel spelen.
  • U moet de wegcode respecteren die zegt dat u:
    • uw snelheid moet matigen om de controle over uw voertuig in alle omstandigheden te bewaren,
    • kunt anticiperen op risico’s om elk probleem met uw voertuig te vermijden.

U hebt een volledige omnium?

Dan kunt u een beroep doen op uw verzekeringsmaatschappij voor een vergoeding. Afhankelijk van de maatschappij, van uw contract en van de uitsluitingen, komt uw verzekering al dan niet tussen. Aarzel niet om me te contacteren om uw dekkingen samen met u te overlopen.

Een goede tip: wees extra waakzaam en pas uw rijgedrag aan! Let ook op de verkeersborden die aangeven dat ‘het wegdek zich in slechte staat bevindt’.

Autoverzekering: verschil tussen voornaamste bestuurder, gewone bestuurder en occasionele bestuurder

Zoals u weet is de tarifering van een contract autoverzekering afhankelijk van een heleboel criteria. Zo zullen de eigenschappen van de voornaamste bestuurder een grote impact hebben op de premie, net als het feit of er al dan niet een jongere gewone bestuurder aanwezig is.

Om duidelijkheid te scheppen hebben wij deze begrippen verder uitgelegd.
Opgelet! Sommige verzekeraars kunnen andere begrippen of benamingen hanteren!  Raadpleeg de algemene voorwaarden van uw polis of contacteer ons in geval van twijfel.

De definities

    • Voornaamste of hoofdbestuurder: de voornaamste bestuurder is de bestuurder die het voertuig het meest gebruikt. Indien er twijfel is tussen ‘de tijd achter het stuur’ en ‘het aantal afgelegde km’, is het in het algemene ‘de tijd achter het stuur’ die bepalend is.
  • Gewone of regelmatige bestuurder: een gewone bestuurder is een bestuurder die regelmatig rijdt met het aangeduide voertuig zonder er de voornaamste bestuurder van te zijn. ‘Regelmatig’ interpreteren we als minimaal eenmaal per week. Indien deze persoon een jongere is kan u deze beter laten opnemen in de verzekeringspolis als bijkomende bestuurder.
  • De occasionele bestuurder is diegene die de auto maar af en toe gebruikt en vooral op onregelmatige basis.

Voorbeeld

Als uw zoon elke vrijdagavond uw auto gebruikt, wordt hij beschouwd als gewone of regelmatige bestuurder en niet meer als occasionele bestuurder.  U kan uw zoon dus beter  als bijkomende regelmatige bestuurder in uw autopolis laten opnemen.  Indien u dit niet doet bestaat het risico dat de autoverzekeraar zich tegen u keert na een ongeval om het totaal bedrag op u terug te vorderen die ze aan de tegenpartij heeft uitgekeerd! 

Indien uw kinderen maar af en toe met de wagen rijden, kan u hen opnemen als occasionele bestuurder. Voordeel is dat uw kinderen op die manier ook een bepaalde periode van rij-ervaring kunnen aantonen wanneer zij later voornaamste bestuurder worden van een wagen of zelf een verzekering wensen af te sluiten. Verzekeringsmaatschappijen nemen kinderen meestal gratis of mits een kleine bijpremie op als occasionele bestuurder in de verzekeringspolis van de ouders.

Is uw kind de voornaamste of hoofdbestuurder van de wagen, ook hier hebben we interessante oplossingen voor jongeren.

Neem geen risico en zorg dat u correct verzekerd bent? U wilt toch niet voor verrassingen komen te staan!

 

Waarom een BA familiale, zelfs zonder kind of huisdier?

In tegenstelling tot de verzekering BA Auto, die voor elke bestuurder verplicht is, blijft BA familiale een facultatieve dekking. Dat weerhoudt veel mensen er echter niet van om deze verzekering af te sluiten, zoals blijkt uit deze cijfers van de Beroepsvereniging van Verzekeringsondernemingen.

Toch denken velen nog dat “ze enkel nuttig is als men kinderen of huisdieren heeft.” Waarheid of fabeltje? Hier volgt het antwoord.

Wat is BA familiale?

BA familiale is een verzekering die uw burgerlijke aansprakelijkheid en die van de onderstaande groepen dekt voor lichamelijke of materiële schade toegebracht aan een derde.

Wat dekt BA familiale?

Deze verzekering dekt schadegevallen die worden veroorzaakt door:

  • gezinsleden die onder hetzelfde dak wonen;
  • huisdieren;
  • kinderen op kot;
  • huispersoneel (poetsvrouw, tuinman, …).

Daar blijft het echter niet bij! Sommige verzekeringsmaatschappijen breiden het begrip verzekerde uit tot de personen die:

  • net zijn verhuisd;
  • tijdelijk bij u verblijven (vrienden bijvoorbeeld);
  • door u onderhouden worden (bijvoorbeeld uw ouders in het rusthuis).

Daarnaast dekt de verzekering BA familiale ook de gebouwen waarvoor u verantwoordelijk bent en dat niet enkel in België, maar overal ter wereld*.

In welke situaties komt deze verzekering nu concreet tussen?

Naast het klassieke voorbeeld van de gebroken ruit op school of een beet van uw hond komt BA familiale ook tussen in deze gevallen:

  • Het is zomer. U organiseert een familiefeestje met een traditionele barbecue. Op het einde van de dag vergeet u het vuur goed te doven en de gloeiende kolen veroorzaken brand bij uw buurman.
  • U bent op skivakantie in de Alpen en beslist om een sneeuwscooter te huren. U laat zich verrassen door de kracht van de machine en botst tegen een boom. Het voertuig is vernield en de schade is aanzienlijk.
  • Het stormt en u zet de vuilnisbakken buiten. Plots worden ze weggeblazen door een hevige windstoot. Een automobilist wil ze ontwijken, voert een noodmanoeuvre uit en rijdt tegen een geparkeerd voertuig.
  • Een van uw dakgoten zit vol bladeren en takken en veroorzaakt waterschade bij uw buurman.
  • Tijdens het snoeien van een boom snijdt uw tuinman een tak af die schade aanricht in de tuin van uw buurman. Uw personeel wordt in dat geval aansprakelijk gesteld.
  • Uw vader verblijft in een rusthuis en is vaak in de war. Hij gaat buiten en merkt het verkeerslicht aan het zebrapad niet op. Hij veroorzaakt een ongeval met een fietser.

Conclusie

Een verzekering BA familiale is zeker onmisbaar als u kinderen of huisdieren heeft. Maar ook als u die niet heeft, is ze net zo belangrijk, zoals de bovenstaande voorbeelden aantonen.

_ Wilt u zeker zijn dat uw toekomstplannen niet in het gedrang komen door een ongelukkige gebeurtenis?

Neem dan contact met ons op en wij helpen u graag verder met het kiezen van een BA familiale die is afgestemd op uw noden.

 

bron www.aginsurance.be

Met welke veelvoorkomende problemen kunt u in uw woning te maken krijgen en welke verzekeringen bieden u bescherming?

Werd uw koepel of veranda beschadigd door hagel? Heeft u last van vocht in een muur? Is er een boom op uw dak gevallen? Wist u dat het aantal branden in België almaar toeneemt? En dat u belastingvermindering kunt genieten als u uw woning beveiligt?

Hieronder vindt u nuttige informatie en tips om uw onroerend goed en/of de inboedel ervan te beschermen.

De brandverzekering: ten zeerste aanbevolen

De brandverzekering, ook wel ‘woningverzekering’ genoemd, is niet verplicht, maar wordt ten zeerste aangeraden. Ze vergoedt immers de materiële schade aan uw onroerend goed en/of de inboedel, waarvan de kosten al snel hoog kunnen oplopen. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, beperkt deze verzekering zich niet tot brandschade.

Elke brandverzekering vergoedt de materiële schade aan uw woning die wordt veroorzaakt door:

  • brand,
  • explosie en implosie,
  • bliksem,
  • aanslagen en arbeidsconflicten (bijvoorbeeld als gevolg van het gooien van stenen of explosieven),
  • een dier of een voertuig,
  • vallen van een boom,
  • hagel,
  • storm,
  • sneeuw- of ijsdruk,
  • natuurrampen.

De meeste brandverzekeringen dekken ook de schade die wordt veroorzaakt door:

  • elektriciteit: uitwerking van de elektriciteit op elektrische installaties en toestellen (bijvoorbeeld schade aan elektrische toestellen door overspanning, of het verlies van de inhoud van de diepvriezer daardoor (ontdooiing)),
  • rook of roet,
  • waterschade door breuk van leidingen, overlopen van dakgoten, sanitaire installaties of elektrische huishoudapparaten, insijpelen van water door het dak, vorst (op voorwaarde dat de nodige voorzorgsmaatregelen werden genomen),
  • glasbreuk (bijvoorbeeld veranda, ramen),
  • schade aan het gebouw (bijvoorbeeld deuren, ramen) na een inbraak of vandalisme (deze dekking geldt soms alleen als de verzekerde ook een optionele dekking diefstal heeft afgesloten).

Talrijke verzekeringsmaatschappijen dekken ook de andere kosten die aan deze schadegevallen verbonden zijn:

  • de kosten van huisvesting,
  • de expertisekosten,
  •  …

Sommige brandverzekeringen voorzien ook in de dekking van uw huurdersaansprakelijkheid wereldwijd, onder meer bij het huren van:

  • een studentenkot,
  • een vakantiewoning,
  • een feestzaal.

Jaarlijks doen zich in België zo’n 10 000 branden voor

En 65 % van de Belgen heeft nog geen rookmelders. Deze alarmerende cijfers wijzen op een ernstig probleem: wij houden ons erg weinig bezig met brandpreventie. Ook al is de materiële schade vaak enorm en vallen er in België jaarlijks bijna 1600 slachtoffers.

Nochtans kunnen een paar eenvoudige maatregelen uw leven redden:

  • installeer voldoende rookmelders;
  • plan en oefen een vluchtroute;
  • laat uw woning nakijken door een brandpreventieadviseur.

Investeren in de beveiliging van uw woning geeft recht op belastingvermindering

Belastingplichtigen die investeren in een betere beveiliging van de woning waarvan ze eigenaar of huurder (of bezitter, erfpachter, opstalhouder, vruchtgebruiker) zijn, kunnen een belastingvermindering genieten. Om recht te hebben op deze vermindering, moeten de werken wel door een aannemer worden uitgevoerd.